Uit de verschillende evaluaties die zijn gehouden over de Wet werk en zekerheid (Wwz), blijkt dat veel vaker dan voorheen een ontbindingsverzoek door de kantonrechter wordt afgewezen. Bij de rechtbank in Amsterdam is het aantal afgewezen verzoeken gestegen van van 13% naar 36%. Bij de Rechtbank Rotterdam is het percentage bijna verviervoudigd van 12% naar 42%! Die enorme stijging wordt met name veroorzaakt door ontbindingsverzoeken die zijn ingediend op de zogenoemde d-grond. Deze grond heeft betrekking op het ontslag vanwege het disfunctioneren van een werknemer. Landelijk gezien wordt ruim 80% van deze vorderingen afgewezen.

 

Kantonrechters, en in hoger beroep de Gerechtshoven, kijken juist in zaken aangaande disfunctionerende werknemers zeer kritisch naar het ontslagdossier. Een vonnis van de Kantonrechter in Alkmaar uit februari van dit jaar vormt daar een mooi voorbeeld van. De werkgever was vijf jaar doende geweest om de werknemer op de rit te krijgen. Die aanpak bleek niet voldoende te zijn geweest.

Uit de uitspraak blijkt dat er sprake was van een langdurig verbeter­traject en dat de werkgever er veel aan had gedaan om dat verbetertraject ook schriftelijk vast te leggen. Het dossier was vuistdik. De kantonrechter heeft in zijn uitspraak een mooi overzicht gegeven van al hetgeen de werkgever had ondernomen en dat was niet gering. Aan de hand van dat dikke dossier lijkt het op het eerste gezicht eenvoudig voor de werkgever om een ontbinding van de arbeidsovereenkomst voor elkaar te krijgen. Waarom ging het dan toch mis?

De werkneemster beriep zich er op dat de beoordeling door alleen haar leidinggevende tijdens een langdurig verbetertraject onvoldoende objectief was, waarbij er te veel nadruk werd gelegd op de competenties van de werknemer in plaats van de functie-eisen.

De werkneemster had succes met dit betoog want de kantonrechter vond dat onderscheid tussen kritiek op karaktereigenschappen van de werkneemster en competenties die nodig zijn om het werk goed te kunnen doen, niet duidelijk was. De kantonrechter overwoog verder het volgende:

‘Het functioneringstraject lijkt vooral gericht op verandering van karaktereigenschappen. Ook in deze zaak geldt dat het enkel veelvuldig vastleggen van de indruk van de leidinggevende over (het vermeende uitblijven van) de voortgang in het verbetertraject op zichzelf geen garantie is voor toewijzing ontbindingsverzoek.’

De rechter had nog wel meer punten van kritiek op het ontslagdossier. Het verbetertraject heeft veel te lang geduurd, de werkgever moet zich niet richten op verandering van het karakter maar op verbetering van het functioneren op het werk, en vervallen in herhaling doet afbreuk aan de geloofwaardigheid van het probleem. Een verbetertraject moet zeker niet te kort zijn, maar aan de hand van deze uitspraak wordt duidelijk dat een lang verbetertraject met een dik ontslagdossier geen enkele garantie op succes biedt. De rechter kan uit die lange duur juist af­leiden dat de tekortkomingen kennelijk niet zodanig ernstig waren dat de werknemer niet in zijn functie gehandhaafd kan blijven. Laat u bij een disfunctionerende werknemer daarom tijdig adviseren over de juiste aanpak, waarbij zeker aandacht zal worden besteed aan de vraag of een minnelijke regeling van het ontslag wellicht een betere en vaak ook veel goedkopere oplossing is. Dam Advocaten is u daarbij graag van dienst.

 

Dam Advocaten

Bezoekadres
Dam 34
1506 BE Zaandam

Postadres
Postbus 1275
1500 AG Zaandam

Tel 075 631 3121
Fax 075 670 5748
E-mail info@damadvocaten.nl

damadvocaten.nl

Geef een reactie